De legende stelt dat Keizer Karel op 25 januari 1531, onderweg naar zijn kasteel te Brussel, zich vastreed met paard en kar in de rivier De Laan en eruit geholpen werd door de Tombekenaren.
Uit dankbaarheid voor hun hulp schonk Keizer Karel 70 ha aan gronden op de Tombeekheide, deze is gelegen ten zuiden van de Laan en strekt zich uit tot in Waver.
De trek:
De gronden werden in 1784 officieel toegekend aan de inwoners van Tombeek door de Souvereine Raad van Brabant na onenigheid hierover tussen Tombeek en Waver.
De onenigheid over de heide zou opklimmen tot de 12de eeuw en voortvloeien uit een schenking door de Brabantse hertogen aan de Orde van de Tempeliers.
De Tombekenaren beriepen zicht tijdens het proces op de legende van Keizer Karel. Of dit verhaal een invloed had op die uitspraak blijft onduidelijk, maar in Tombeek waren ze alvast een traditie rijker. Ondanks het gebrek aan historische bewijzen twijfelt geen enkele Tombekenaar aan de geloofwaardigheid van dit verhaal.
Vanaf het laatste kwart van de 19de eeuw werden de gronden meer en meer verkaveld en verkocht.
Het laatste deel van de resterende akkers en braakgronden werd te koop gesteld in 1933.
In 1934 werden de laatste gronden verkocht aan de Prevoyance Sociale, die er het sanatorium "Joseph Lemaire" op bouwde. De intresten op deze verkoop worden nog jaarlijks uitbetaald aan de gezinshoofden tijdens de "Trek van Tombeek-heyde". Jaarlijks "trekken" de gezinshoofden van Tombeek 5 euro. Voorwaarde is dat men al 1 jaar in Tombeek woont en de gemeentelijke milieubelasting betaald heeft.
Volgens sommige bronnen werden de winsten van de heideverkoop ook gebruikt voor de aankoop van gronden voor de huidige kerk, pastorie en school, waarschijnlijk ging het hier ook om schenkingen door gegoede burgers.